Nieuws van De Stadsdichter van Haarlem

De gedichten van De Stadsdichter van Haarlem vindt u als u hier op klikt.

17 jan 2006 Luister naar George Moormann bij Theodor Holman over Daniil Charms
Real Audio

George Moormann

De belevenissen van een stadsdichter in haarlem

vrijdag, september 22, 2006

‘Ik zal leven als ik niet meer leef’

Honderden Haarlemmers namen vrijdagmiddag 22 september afscheid van Tanja de paardekastanje. De monumentale meer dan tweehonderd jaar oude boom is aangetast en moet volgens wethouder Maarten Divendal van Openbare Ruimte en Groen gekapt worden. Stadsdichter George Moormann gaf de boom ter plekke een naam en roemde ‘onze Tanja' 'als mastodont, als monument van schone kracht en als zuurstoffabriek.'  Even leek de verwarring nog groter te worden dan hij al was. De afscheidsuitvaart was volgens oud-directeur Nico Brink van Openbare Ruimte en Groen niet nodig: ‘Honingzwam hoeft helemaal niet het einde te zijn: gewoon flink terugsnoeien, dan krijgt ie weer een boost.’ Een tweede leven als spreekgestoelte (voor het aanpalende gymnasium), als gezaagde houten Mug (een sjibbolet voor Haarlemmer) of plaquette zou als het aan Nico Brink lag dus eigenlijk niet nodig zijn…. Wethouder Divendal daarentegen bleef bij zijn standpunt en verklaarde dat boomchirurgen het hartgrondig met hem eens waren: ‘Tanja is tot in haar wortels aangetast en reddeloos verloren.’ In Moormanns gedicht zit een regel van Constantijn Huygens verstopt: 'Ik zal leven als ik niet meer leef'. Een schrale troost, maar gelijk heeft hij wel, want voor velen met hem leeft deze Grande Dame voort. Tanja Leeft!

 

‘Kom deze zondag naar Utrecht!

 

Heeft u het optreden afgelopen vrijdag gemist? Geen nood; zondagmiddag 24 september heeft u een nieuwe kans. George Moormann leest dan zijn kastanjegedicht voortijdens de presentatie van de gedichtenbloemlezing Kastanjegedichten
(Uitgeverij Passage). Samensteller Nanne Nauta heeft aan maar liefst 100
dichters uit Nederland en Vlaanderen gevraagd om een bijdrage voor deze
bundel . Van de verkopen tijdens de presentatie gaat 50 % naar de
Bomenstichting voor onderzoek naar de beruchte kastanjeziekte waaraan
vrijwel alle paardenkastanjes in Nederland dreigen te bezwijken.
De presentatie is onder de kastanjeboom op het schoolplein van de Agatha
Snellenschool, Nicolaasdwarsstraat 3 te Utrecht van 14.00 tot 17.00 uur.
Met optredens van tal van dichters Jana Beranová, Emma Crebolder, Daniël Dee,Kester Freriks, Ingmar  Heytze, Tjitse Hofman, Jan Kuipers, Gerry van der
Linden, Thomas Möhlmann, George Moormann, Diana Ozon, Patty Scholten en Ilse Starkenburg. Zie ook Nauta's Kastanjeweblog
(http://www.kastanje.web-log.nl).

 

 

Haarlem, 1 maart 2006

Verkiezingen

In het politiek café flirtte jij voor twee, luidkeels
Lachend om mijn 'Mooie praatjes vullen geen gaatjes!
Weer thuis op een oor is het echter verraderlijk stil:
Was jij het nou of ik die hier stemmen hoorde?

Haarlem, 13 januari 2006

BIJ DE DICHTER THUIS

George Moormann over poëzie in woord en beeld

Op donderdag 26 januari 2006 vindt in Nederland en Vlaanderen de zevende Gedichtendag plaats. In beide landen worden allerlei ‘Gedichtendagactiviteiten’ georganiseerd. Deze aflevering staat in het teken van Poëzie en Beeldende Kunst. In Haarlem kan men niet alleen naar dichters luisteren (bijv. in de Stadsbibliotheek) maar men kan nu zelfs op bezoek gaan ‘bij de dichter thuis’.
Juist vanwege het thema ‘woord en beeld’ stelt dichter en beeldend kunstenaar George Moormann voor één keer zijn ‘smidse en atelier’ open voor ruimer publiek.
Het programma op donderdag 26 januari begint om 20 uur en duurt ongeveer een uur. Na afloop wordt het nieuwe ‘bron & anti-stresswater’ SPAARNEBRON geserveerd. Toegang: 5 euro p.p.

Moormann is al jaren actief als schrijver, schilder, performer en boekenmaker.
Hij is sinds 1989 redacteur en uitgever van De Zingende Zaag, een reeks van inmiddels 33 uitgaven waarin poëzie, beeldende kunst en grafische vormgeving uitdagend naar elkaar verwijzen (Onderscheiden voor o.a. De Best Verzorgde Boeken van de CPNB, de Designprijs Rotterdam en De Ongekroonde Jaren van het Museum Plantin-Moretus 1997-2004). Aan de hand van deze uitgaven zal Moormann onder meer spreken over de delicate verhouding tussen woord en beeld. Uiteraard zal hij ook stil staan bij de verschillen en overeenkomsten die er bestaan tussen een ‘normaal’ gedicht en een zogenaamd ‘stadsgedicht’. Moormann werd op 14 februari 2004 door Burgemeester & Wethouders van de Gemeente Haarlem tot Stadsdichter benoemd. Hij maakt in opdracht van de gemeente (maar ook op eigen initiatief) tenminste zes keer per jaar een gedicht over belangrijke actuele Haarlemse onderwerpen. Zo schreef hij in 2005 over de huldiging van judoka Dennis van der Geest, over de dood van schrijver Louis Ferron, over het 100-jarig jubileum van boekhandel de Vries en over het nieuw te bouwen stadion voor HFC Haarlem.
Er zijn slechts een beperkt aantal plaatsen beschikbaar. Inschrijvingen in volgorde van binnenkomst: 023-5329508 / stadsdichter@dezingendezaag.com

OVERIGE INFORMATIE:
George Moormann publiceerde de bundels Het Luide Graf (1995) en Om Zeep (1999).
Hij publiceerde in binnen- en buitenlandse literaire tijdschriften. Zo schreef hij o.a. gedichten en essays over poëzie en beeldende kunst in Tirade (Uitgeverij Van Oorschot), het literaire tijdschrift waarvan hij van 1996 tot 2002 redacteur was. In februari 2004 verscheen onder zijn redactie Het Spaarne Stroomt Helemaal Niet, een uitgave in de Haarlemse Doelenreeks (Stadsbibliotheek Haarlem) waarvoor dertig Nederlandse en Vlaamse dichters nieuw werk schreven. In voorbereiding is onder meer een bundel met ‘Haarlemse gedichten’ waarvan de titel, Het Wonder van Haarlem, verwijst naar een schilderij van Cornelis Cornelisz. van Haarlem: ‘De monnik en de non’.
Naast het schrijven van ‘stadsgedichten’ bij belangrijke gebeurtenissen is hij verantwoordelijk voor uiteenlopende evenementen zoals het festival Haarlemse Nachten.
Zijn boekuitgaven zijn onder andere opgenomen in de collecties van het Museum Meermanno Westreenianum, het Nederlands Letterkundig Museum, de Koninklijke Bibliotheek en het Museum Plantin Moretus.
Hij verzorgde als curator tentoonstellingen in onder meer de Synagoge Uilenburg te Amsterdam (2001) en in de tentoonstellingsruimte van Provinciehuis Noord Holland (Een Keizer op Kamers, een hommage aan Lodewijk van Deijssel 2002, in het kader van de Kunstlijn).

 

George Moormann te gast in Amsterdams Perdu

Zondag 20 november 2005
Café Cossee
Kloveniersburgwal 86
Amsterdam
Reserveren: 020 422 05 42
Aanvang 15.00 uur
Toegang: 3 euro

M.m.v. Doeschka Meijsing, Joyce Roodnat en George Moormann 
Uitgeverij Cossee en Stichting Perdu organiseren elke derde zondag van de maand café Cossee.
In een aangename zondagmiddagsfeer lezen bekende schrijvers voor uit nog ongepubliceerd werk. Musici musiceren. Nieuw talent treedt voor het voetlicht.
Deze zondag zullen Doeschka Meijsing, Joyce Roodnat en George Moormann voorlezen uit nog ongepubliceerd werk.
 
George Moormann zal naast nieuw werk ook enige 'Haarlemse gedichten' voordragen. Naast zijn werkzaamheden als redacteur van De Zingende Zaag Producties, is hij sedert 2004 actief als de eerste officiële stadsdichter van Haarlem. Tijdens deze middag zal hij onder meer ingaan op de verschillen en overeenkomsten tussen 'stadsgedichten' en 'literaire poëzie'.
 
De muziek wordt verzorgd door Kirke.
 
Meer inlichtingen:
De Zingende Zaag Producties
023-532 9508

George Moormann draagt "waterpoëzie" voor in Nationaal Park
Zuid Kennemerland

donderdag 30 juni 2005, aanvang: 20.00 uur

De Nederlandse waterbedrijven organiseren van 27 juni tot en met 3 juli de Week van het Water. Tijdens dit landelijke en jaarlijks terugkerende evenement staat het onderwerp drinkwater, dat voor iedereen hier in Nederland een vanzelfsprekendheid is, in de schijnwerpers. Een paar dagen aandacht voor zoiets gewoons dat toch zo onmisbaar is! Het Nederlandse kraanwater behoort tot de beste ter wereld. We staan er alleen nooit bij stil wat voor enorme impact dit product op ons dagelijkse leven heeft. Drinkwater is onze eerste levensbehoefte en een van de bouwstenen voor een gezond leven. Daarnaast is het ook een product waar we, vaak ongemerkt, van genieten.

Gedurende de Week van het Water vinden er diverse activiteiten en evenementen plaats. Zo is er op donderdag 30 juni een bijzondere wandeling door de duinen van Nationaal Park Zuid Kennemerland.

Om 20.00 uur vertrekken de boswachter van PWN en de Haarlemse stadsdichter George Moormann vanuit parkeerplaats Koevlak (Overveen) voor een wandeling door de duinen. Tijdens de excursie vertelt de boswachter over het bijzondere natuurgebied en George Moormann geeft een bloemlezing van gedichten waarin water, zee en de duinen het belangrijkste thema zijn. Naast gedichten van eigen hand zal George Moormann "waterpoëzie" voordragen van o.a. Fredrik van Eeden, Anton Korteweg, Th. van Os, René Puthaar, Martin Reints en Jan Wolkers.

De excursie duurt tot ongeveer 22.00 uur en er kunnen maximaal veertig liefhebbers mee. Deelname is gratis maar geef u vandaag nog op via: 0800-7966288

Kijk voor meer informatie op www.weekvanhetwater.nl

Voor uw broodnodige poëzie

Onder het motto "Kom voor uw broodnodige poëzie op 25 juni naar Haarlemse Nachten 2" hebben de Haarlemse stadsdichter George Moormann en Haarlemse stedenmaagd Dolly Bellefleur op 18 juni vijfhonderd maanzaadbollen uitgedeeld. De ovenheerlijke broodjes, beschikbaar gesteld door Van Vessem & Le Patichou Bakkers, werden in de loop van deze zomerse zaterdag uitgedeeld in broodzakjes met daarop gedrukt het motto De witte maan dat Frédéric Bastet speciaal voor Haarlemse Nachten 2 heeft geschreven:

De zagen zagen zingend eenzaam
door 't planken wambuis van de nacht.
Tot zaagsel snurkend omgebracht
wordt liefde met de dood gemeenzaam.
O talisman, de witte maan
de witte maan, mijn dommekracht.

Frédéric Bastet

Werkbezoeken werden afgelegd aan o.a. Plantage Boekhandel Coebergh,
H. de Vries
Boeken, de Stadsbibliotheek Haarlem, Boekhandel Athenaeum,
Van der Pigge
en diverse andere locaties in de stad Haarlem.

Volgt hier een fotoverslag:

Zijn wij een broodkruimel op de rok van het Universum?

Brood en spelen

De stadsdichter op pad

De stadsdichter op pad

Bezoek aan Plantage Boekhandel Coebergh

Poëzie als medicijn?

In de Stadsbibliotheek

Op bezoek bij Rob Melger

And now the end is near

DICHTKUNST LANGS VAARROUTE

Ontwerpen Kunstobjecten voor vaarweg Lemmer-Delfzijl klaar
 
Lemmer/Delfzijl/ANP
Langs de vaarroute van het Friese Lemmer naar het Groningse Delfzijl komen twaalf zogenoemde tekstbeeldkunstwerken. Via een samenhangende reeks kunstwerken willen Rijkswaterstaat en de provincies Friesland en Groningen de aandacht vestigen op verschillende aspecten van de vaarweg. Een van de deelnemers is de in Haarlem geboren (stads)dichter en beeldend kunstenaar George Moormann (DE ZINGENDE ZAAG). Samen met Thomas Widdershoven (THONIK) ontwikkelde Moormann een tekstbeeldkunstwerk voor de sluizen bij Lemmer, de toegangspoort tot de vaarweg Lemmer-Delfzijl dat een belangrijke schakel is in het hoofdvaarwegennet van Noordwest-Europa.

Moormann en Widdershoven schreven en ontwierpen een nieuw gedicht en een nieuw alfabet. Beiden geinspireerd op een mondiale ontwikkeling die natuurlijk ook Lemmer aangaat: het broeikaseffect en de (almaar stijgende) zeespiegel. Het gedicht ‘De zondvloed is nakende!’ geeft beetje bij beetje zijn apocalyptische boodschap prijs: Europa staat op het punt opnieuw geroofd te worden. Niet door een stier maar door het water dit keer, de zeespiegel die ongenadig stijgt.

Behalve Moormann en Widdershoven zijn er nog elf duo’s  enerzijds samengesteld uit typografen/kunstenaars en anderzijds uit dichters/schrijvers die de opdracht hebben gekregen een ‘tekstbeeld’ te ontwerpen voor een locatie in de directe omgeving van de vaarweg. Daartoe werd de vaarweg in twaalf tracés verdeeld, zes in Fryslân en zes in Groningen. Aan een dertiende koppel is gevraagd een plan te bedenken voor een overkoepelend project. Het streven is om het ontwerp bij de sluizen van Lemmer in 2005 ten uitvoer te brengen.

Deelnemerslijst kunstenaars/typografen:
1. Wigger Bierma/Tonnus Oosterhoff
2. Marten Jongema/K.Schippers
3. Roger Willems/Marije Langelaar/Mark Manders
4. Rudo Menge/Ronald Olsen
5. Regina Verhagen/Gerrit Krol
6. Jan van Toorn/Willem van Toorn
7. Karel Martens/Kees ’t Hart
8. Erwin Adema/Benne van der Velde
9. René Knip/Tsead Bruinja
10. Gert Jan Slagter/Albertina Soepboer
11. Jacques Peeters/Martin Reints
12. Thomas Widdershoven/George Moormann
13.
Vanessa van Dam/Sjaak Langenberg (totale project)
 

 

De zondvloed is nakende!

Daarachter daarachter
alle sluizen en drijfgassen van Europa

daarboven daarboven
alles tussen de mensen en de goden

hiervoor hiervoor
alles tussen wetenschap en techniek

landinwaarts landinwaarts
bijna te warm om te zwemmen

naar zee naar zee
verdrinken koeien en verzuipt het riet

in sluizen in sluizen
vragen we ons af of het water toen hoger kwam

of de geschiedenis zich zal herhalen
of Europa ook nu geschaakt wordt door een stier

of wij die achterblijven ook door Liefde worden gered
of als stomkoppen verdiend kopje ondergaan.

NRC Handelsblad vrijdag 11 maart 2005

De stad zoemt van de poëzie
Door onze correspondent Martin Steenbeeke
Steeds meer middelgrote steden hebben of krijgen hun eigen stadsdichter. Die wordt gezien als promotiemiddel voor het literaire leven én de bekendheid van de stad. ,,Zwolle moet op de kaart.’’

ZWOLLE, 11 MAART. ,,Starter, ijs, ik. Schot. IJs, ik, ik, ijs. Ik.’’ Staand achter een katheder in de Zwolse bibliotheek zwaait Berrie de Boer bij iedere strofe van zijn gedicht Erben wild met zijn armen. Alsof hij schaatser Erben Wennemars zelf is. ,,Ik, ik ben, ik moet, ik zal. Door de bocht.’’ De Boer, docent Nederlands/tekstschrijver/animator, dingt met zijn gedicht over de Zwolse wereldkampioen schaatsen mee naar de titel ‘stadsdichter van Zwolle’. Ten overstaan van vijftig belangstellenden neemt hij het op tegen het dichtersduo Firma Weijland – uitgerust met scheepstoeter – en Paul Gellings. Aan de voet van het spreekgestoelte staat een stembus. Tot 17 maart kunnen inwoners van Zwolle stemmen op één van de drie genomineerden. ,,Zwolle moet op de kaart’’, verklaart initiatiefnemer van de wedstrijd Wil Cornelissen. ,,Waarom hebben andere steden wel een stadsdichter en Zwolle niet?’’ Ook Nijmegen kiest binnenkort een stadsdichter.
Sinds Dordrecht in 2001 in de persoon van Jan Eijkelboom als eerste een stadsdichter aanstelde, hebben verschillende steden al een lokale uitvoering van de ‘dichter des vaderlands’. Het zijn met name middelgrote steden, zoals Groningen, Gouda, Middelburg en Haarlem.
De vier grote steden hebben geen behoefte aan een officiële stadsdichter, al zijn daar, net als elders in het land, wel ‘officieuze’ stadsdichters actief.
De taken zijn bijna overal hetzelfde.
De stadsdichter schrijft gedichten bij belangwekkende gebeurtenissen, waarna ze worden gepubliceerd op gemeentelijke websites, in kranten of, zoals in het geval van Dordrecht, verwerkt in de huisstijl. Citaten zijn afgedrukt op briefpapier, visitekaartjes en voertuigen van de gemeente. ,,We zijn zeer tevreden, hij schrijft prachtige gedichten’’, zegt een woordvoerder van de gemeente Dordrecht over het werk van Eijkelboom.
In Alkmaar heerst tevredenheid over stadsdichter Joost Zwagerman. De twee gedichten die hij heeft geschreven ter gelegenheid van het 750-jarig bestaan van de stad en monumentendag worden volgens een woordvoerder ,,zeer gewaardeerd’’.
Veel stadsdichters doen, gevraagd of ongevraagd, meer. Zij willen het literaire klimaat in een stad verbeteren. De Firma Weijland bijvoorbeeld, een van de mededingers voor de titel in Zwolle, kondigt aan het winkelende publiek in de stad op onverwachte ogenblikken met poëzie te confronteren. ,,Als je in een pashokje een broek past en uit het andere hokje een gedicht hoort, zou dat de Firma Weijland kunnen zijn.’’ De andere Zwolse kandidaat Berrie de Boer denkt erover een literaire competitie te organiseren en de derde, Paul Gellings, wil poëzieworkshops organiseren in ziekenhuizen, jongerencentra en de penitentiaire inrichting.
Chawwa Wijnberg, tot begin dit jaar stadsdichter in Middelburg, vindt dat stadsdichters de bevolking moeten leren wat poëzie is.
Omdat de vier gedichten die ze contractueel moest maken in haar ogen onvoldoende waren, initieerde ze een poëziefestival in achtertuinen. ,,Ik wil dat de stad zoemt van poëzie.’’ Ook de Haarlemse stadsdichter George Moormann schrijft meer dan de zes verlangde gedichten voor zijn stad. Hij houdt toespraken en voordrachten en organiseert ,,Haarlemse nachten’’, een festival voor woord en beeld. In Groningen draagt de stadsdichter gedichten voor bij begrafenissen van overleden inwoners die geen nabestaanden meer hebben. Het idee is afkomstig van voormalig stadsdichter Bart FM Droog. De wijze waarop hij zich profileerde leverde Groningen veel publiciteit op. ,,Daar waren we heel blij mee.
Hij was eigenlijk een soort ambassadeur van de stad’’, zegt een woordvoerder van de gemeente.
Paul Gellings verklaart in de Zwolse bibliotheek dat hij ,,poëtisch Zwolle’’ wil promoten. ,,Er wordt in de Randstad veel te denigrerend over deze stad gedaan.’’
Ook Berrie de Boer wil Zwolle wel op de kaart zetten, maar alleen als hij onafhankelijk mag blijven. ,,Ik wil niet als een uithangbord van de VVV worden gezien.’’
In Antwerpen werd de Nederlands-Palestijnse dichter Ramsey Nasr in oktober vorig jaar nog voor zijn aanstelling tot stadsdichter middelpunt van een politieke rel.
Nasr sprak zich in een opinieartikel in deze krant uit tegen het Israëlische nederzettingenbeleid.
Door deze stellingname was Nasr, in de ogen van de joodse gemeenschap in Antwerpen en een liberale wethouder, de functie van stadsdichter ,,onwaardig’’. Nadat Nasr beloofde zijn functie niet te gebruiken om politieke ideeën te verspreiden en het stadsbestuur verzekerde Nasr niet te muilkorven, was de lucht geklaard. ,,Ze zeggen dat je kritisch mag zijn, maar als je dat bent, vinden ze het toch pijnlijk’’, is de ervaring van Chawwa Wijnberg in Middelburg.
George Moormann uit Haarlem heeft een contract met de gemeente waarin staat dat hij volledig vrij is om te schrijven wat hij wil. ,,Ik wil af en toe een noot kunnen kraken. Je moet voorkomen dat je gedicht op een servet of handdoek komt te staan, hoe mooi het ook is geborduurd.’’
Zo heeft Moormann zich dichtend al kritisch uitgelaten over het openbaar groen en is hij in gedachten bezig met een gedicht over de esthetiek van het nieuwe gerechtsgebouw. ,,Ik ga schrijven dat het maar goed is dat vrouwe Justitia blind is.’’ ,,Prima’’, zegt de Haarlemse wethouder Ruud Grondel (Groen-Links) over de houding van Moormann. ,,Een stadsdichter moet de stad een spiegel voorhouden.’’ Hij vindt Moormann alleen soms wat te ,,cryptisch’’ waardoor de boodschap volgens hem niet altijd door iedereen begrepen wordt.
Wie bepaalt wat een goede poëet is voor de stad? Een onafhankelijke commissie zoals in Groningen en Middelburg, de bewoners, of een combinatie van beiden zoals in Zwolle? Alkmaar bombardeerde Joost Zwagerman vorig jaar ,,spontaan’’ tot stadsdichter nadat hij zich kritisch had uitgelaten over het literaire klimaat in zijn geboorteplaats.
In Zwolle hebben de inwoners een flinke vinger in de pap. Dat is een goede zaak, zegt een van de bezoekers van de avond Jur de Leeuw. ,,Literatuur zetelt al te vaak in ivoren torens.’’ Maar wie het ook wordt, of de stadsdichter Zwolle de gehoopte extra bekendheid kan geven, betwijfelt hij. ,,Wat dat betreft kunnen ze beter Erben Wennemars nemen.’’

Zie en beluister de stadsdichters
George Moormann van Haarlem, Joost Zwagerman uit Alkmaar, Jan Eijkelboom uit Dordrecht en Bart FM Droog uit Groningen 

 

Augustus 2005 INTERVIEW MET EERSTE HAARLEMSE STADSDICHTER door Liesbeth van Dalsum

 

Binnenlands Bestuur vrijdag 4 maart 2005

'Hoe beter het bestuur, hoe beter zijn narren'

De benoeming van G. Moormann tot officiële stadsdichter van de gemeente Haarlem was precies een jaar geleden nieuws in de rubriek Personalia. In Persoonlijk vertelt hij over zijn ervaringen.

Vorig jaar werd George Moormann (46) door het Haarlemse college van B en W als officiële stadsdichter aangesteld. Dit jaar werd hij herbenoemd. Moormann geeft de poëziereeks De Zingende Zaag uit en heeft zo'n dertig publicaties over stad en Spaarne op zijn naam staan. Maar Moormann is geen hofdichter, hij is 'niet van de VVV'. Anders dan zijn Antwerpse collega Ramsey Nasr, die zich de woede der schepenen op de hals haalde, heeft Moormann 'volledige vrijheid van meningsuiting'.

Wat maakt u zo geschikt?

Al zo'n twintig jaar lever ik een belangrijke bijdrage aan het literaire klimaat van Haarlem. Ik ben verantwoordelijk voor uiteenlopende evenementen. Zoals 'Haarlemse Nachten 2', een landelijk festival voor woord en beeld dat op 25 juni in de Toneelschuur plaatsvindt. Tijdens Haarlemse Nachten 1, begin vorig jaar, werd ik als stadsdichter benoemd. Een verrassing was het niet, want voordat het zover is ben je al door de ambtelijke molen gegaan.

Wat was uw taakomschrijving?

Zes gedichten bij grote gebeurtenissen schrijven. Voor een kleine vergoeding. Ik heb toen meteen gezegd: ik ben een hofnar, geen hofdichter. Je hebt goede narren en slechte vorsten, zoals ik in mijn eerste stadsgedicht 'Scheer je weg' schrijf. Ik veroorloof me volledige artistieke vrijheid. Ik loop niet aan de leiband van de gemeente. Dat zou niemand ten goede komen en de gedichten zeker niet.

Hoe ver gaat uw kritiek op het gemeentebestuur?

Ik balanceer tussen bevolking en politiek. Ik probeer zoveel mogelijk mensen te bereiken. En op ludieke wijze neem ik af en toe het bestuur te grazen. De wethouder Ruimtelijke Ordening heb ik onder haar neus gewreven dat allerlei nieuwbouwprojecten wel erg weinig ruimte lieten aan groen. En dat 'genuanceerd rood' toch echt een baksteen is. Ja, dan verandert de glimlach soms in een grimlach. Toch dronken we daarna gewoon een glas wijn, hoor. Maar ik doe er geen water bij. Dat geldt ook voor de vorm. Ik ben niet zo thuis in het eindrijm, zoals de Dichter des Vaderlands. Ik ben meer van 'zeven voet helder, daarna het duister en de diepte in'. Al moet een stadsdichter nooit over de bevolking heen spreken.

U hebt zich, met andere stadsdichters, achter uw Antwerpse collega Ramsey Nasr geschaard.

Ja, omdat een stadsdichter volledige vrijheid van meningsuiting hoort te hebben. Dat staat ook in mijn contractje. Nasr publiceerde een stuk in de NRC en De Standaard tegen het Israëlische nederzettingenbeleid. Dat is zijn mening, het doet niets af aan zijn kwaliteit als stadsdichter. Hier in Haarlem zou zoiets niet snel gebeuren, althans niet nu in dit artistieke klimaat. Hier waait toch een nieuwe culturele wind. Deze functie mag hoe dan ook niet worden misbruikt voor promotiedoeleinden. Ik ben niet van de VVV! Haarlem is een prachtige stad, die ik graag wil bezielen. Met lof, maar waar nodig ook met kritiek. Natuurlijk zal men mij met argusogen volgen en ligt de zweep, net zoals bij Shakespeare in de late middeleeuwen, voor mij klaar. Maar het Haarlemse College van B en W beseft ook: hoe beter het stadsbestuur, hoe beter zijn narren.

Dus u kunt alles zeggen wat u maar wilt?

Wij zijn vorsten van het woord. Als je het goed zegt, kun je veel zeggen. Maar ik wil niet alleen nar zijn, ik wil ook nieuwe gezichtspunten aandragen. Ik zet me in voor het literaire klimaat, stel me op als chroniqueur, breng mensen en instellingen bijeen. De poëzienacht in de Toneelschuur krijgt deze zomer een vervolg met de 'Talismanische Nacht', waarvoor ik de andere Nederlandse stadsdichters zal uitnodigen.

En worden al die inspanningen gewaardeerd?

Ik geloof het wel, want mijn termijn is intussen met een jaar verlengd. Ik denk dat dat niet alleen een waardering inhoudt van mijn woorden, maar ook van mijn daden.

Luister naar George Moormann bij De Avonden 18 april 2003 (skip 13 minuten)

voor de gratis player klik hier

 

 

 

  links - sitemap - contact